Vraag En Antwoord

VRAAG

Jullie Shin-Boeddhisten beweren dat enkel de Overgave, het Vertrouwen volstaat om de zekerheid van de Verlichting te verwerven. Waarom hechten jullie dan zo’n belang aan het reciteren van de Nembutsu (NAMU AMIDA BUTSU)? En waarom houden jullie diensten waarbij sutra’s gereciteerd worden, wanneer dit allemaal dan toch nutteloos zou zijn?

ANTWOORD

De stichter van de Jōdo-Shinshū, Shinran Shōnin, verwierp wat hij de “diverse praktijken” noemde niet zozeer omdat ze nutteloos zouden zijn, maar wel omdat wij, mensen van een verworden, d.i. geestelijk niet geïnteresseerde tijd, niet bij machte zijn die praktijken van moraliteit, wijsheid en meditatie tot een goed einde te brengen.

Tegenover deze “diverse praktijken” stelt Shinran Shōnin wat hij de “juiste praktijk” noemt en wat we misschien beter zouden omschrijven als de “geschikte, gepaste praktijk”, rekening houdend met de draagwijdte ervan.

De Overgave wordt immers In ons gewekt niet door een of andere handeling die wij verrichten, maar door de uitwerking van Amida’s Oorspronkelijke Gelofte alle wezens tot de Verlichting te brengen. Op zichzelf is Nembutsu geen oorzaak van de Verlichting. Enerzijds is hij a.h.w. een voorbereiden tot het ontluiken in ons van de grote Overgave.

Anderzijds EN VOORAL is de Nembutsu de spontane uiting van onze dankbaarheid voor Amida’s Mededogen.

Shinran Shōnin situeert trouwens zeer duidelijk de onderlinge verhoudingen van de praktijken in het zesde hoofdstuk van zijn hoofdwerk Kyō-Gyō Shin-Shō:

“In de juiste praktijk dient men twee facetten te onderscheiden. De ene is volkomen oprecht en uitsluitend de naam van Amida Buddha uit te spreken, en dit zonder rekening te houden met plaats, wijze, tijd of duur. Dit wordt de juiste gevestigde handeling geheten, omdat ze volkomen In overeenstemming is met de bedoeling van zijn Gelofte. Wanneer we aan bezinning, reciteren van sutra’s, enz. doen, dan worden deze handelingen “steunende handelingen” genoemd… Als we deze twee praktijken van juiste gevestigde handeling en steunhandelingen verrichten, dan houden we ons gemoed steeds in ononderbroken contact met Amida’s Gelofte.

Noch het uitspreken van de Nembutsu, noch het reciteren van sutra’s leiden tot de uiteindelijke Verlichting. Vooral dit laatste kunnen we beschouwen als een psychologisch hulpmiddel, een in conditie brengen, zoals sportlui sommige vormen van ‘training’ beoefenen. De praktijk van het zingen van sutra’s verhoudt zich tot de Verlichting zowat als het wieden in een tuin zich verhoudt tot het oogsten van de veldvruchten.

Het is een praktijk die niet tot het nirvana leidt. In deze zin kan men ze dus als ‘overbodig’ bestempelen. Maar ze is toch een door eeuwen ervaring gevestigde (en niet enkel in het Boeddhisme!) methodiek die bijdraagt tot het scheppen van het emotionele milieu waardoor men, over alle intellectualisering heen, Amida’s Oneindige Mededogen en de intense interrelatie van alle wezens ervaart en beleeft. En in die zin is het sutra-lezen een factor van groot belang, zeker dààr waar dagelijks leven en religieus leven elkaar overlappen in ons gemoed.

Ekō 6

jikōji - 慈光寺

© 2003

info-at-jikoji.com

            home