Jikōji Nieuws

Op 5 mei was het dan eindelijk toch zo ver: de eerste dienst kon gehouden worden op het nieuwe adres.

Hieraan waren weken van koortsachtige werkzaamheden voorafgegaan: er werd geschilderd, behangen, gepoetst, geruimd, gewassen. En gesjouwd dat er werd: tientallen (loodzware) dozen met boeken, kasten, rekken, van de Grote Beerstraat naar de Pretoriastraat, trappen af en dan maar weer trappen op.

Op zaterdag 4 mei was alles, op enkele details na, klaar om onze Jikō-ji vrienden te onthalen. Wat sommigen onmogelijk gebleken was nog één week tevoren, was klaargestoomd. En dus een overhartelijke dank en hip-hip-hip-hoera voor Benoît, An en Eli die praktisch elke dag in de weer waren.

Zondag 5 mei, 10 h 30: Het ziet er allemaal netjes uit. Je moet natuurlijk niet té precies in hoeken en kantjes gaan kijken…

De installatie is natuurlijk voorlopig: totdat het gelijkvloers in orde is gebracht en dat zal nog wel enkele maanden duren. Maar op de eerste verdieping ben je zó thuis. De ruime achterkamer is de eigenlijke tempelruimte. De voorkamer is een gezellige, lichte zitkamer. De bibliotheek is nog niet operationeel: we pakken de boeken niet uit vooraleer ze op hun definitieve plaats kunnen. Die oplossing biedt ons ook de gelegenheid de catalogus bij te werken en het bestand te controleren, want - helaas - sommige boeken blijken een wat opgepaste en verborgen belangstelling genoten te hebben…

Waarom moest en zou Jikō-ji op die 5 mei openen? Omdat het dan precies 6 jaar geleden was dat Rev. Prof. Kakue Miyaji, in naam van de toenmalige Hoofdabt, nu Ere-Hoofdabt Kosho Ohtani, de Antwerpse tempel was komen inhuldigen. En 6 mei is dan ook onze “Tempeldag” gebleven. Vandaar ook de luister van de heropening.

Begonnen werd met een evocatie van Amida, Shākyamuni en alle Boeddha’s (Sambujō), gevolgd door de Drievoudige Toevlucht. Hoofdbrok van de liturgie was het reciet van Shoshin-ge, het Chinese gedicht waarin Shinran Shōnin de traditiegetrouwe opbouw van de Jōdo-Shinshū weergeeft.

Na de eigenlijke eredienst volgde een gezellig samenzijn. Met versnaperingen en verfrissingen werd lang nagepraat over verleden, maar vooral over de toekomst van Jikō-ji.

Wat het nabije verleden betreft: de eerste fase van de verbouwingswerken is voorbij: de daken zijn hersteld; ramen en afvoergoten werden bijgewerkt; er werd voor sanitair gezorgd.

Op dit ogenblik (begin juni) werd een aanvang gemaakt met schilderen van het buiten-houtwerk. Na het bouwvakverlof in juli, zal begonnen worden met de nodige verbouwingen op het gelijkvloers en met de elektrische installatie.

Voor deze grote werken die heel wat verder reiken dan knutselen en/of vrijetijdsbesteding, werd immers beroep gedaan op vaklui.

Dat stelt natuurlijk een pak problemen.

Zoals onze vrienden weten, was de aankoop van dit huis mogelijk door “eigen-mensen-middelen”. Maar de zware kosten verbonden aan herstellingen en aanpassingen zouden zwaar op onze maag liggen ware het niet dat onze vrienden in Japan diep in hun zak geschoten zijn.

Niet de hoofdtempel Nishi-Honganji, want die zit zelf naar financiën te snakken… Het is hoofdzakelijk de I.A.B.C. (International Association of Buddhist Culture) onder het stimulerende voorzitterschap van Prof. Yamasaki die ons de middelen aan de hand doet om van Jikō-ji een waardige plaats voor erediensten, bijeenkomsten en studie te maken. En om even uit de biecht te klappen: Zenmon Kosho Ohtani is moreel èn materieel nauw betrokken bij de werking van onze I.A.B.C.-sponsor.

Van deze gelegenheid willen we ook eventjes gebruik maken om eventuele misverstanden recht te trekken. Noch de I.A.B.C. noch de Zenmon noch de huidige Hoofdabt Go-Monshu Koshin Ohtani noch de administratie van de Honganji hebben ooit enige voorwaarde voor deze steun gesteld. Dat biedt ons meteen nog eens de kans te beklemtonen dat Jikō-ji in geen geval kan aangezien worden als een ‘instrument’ van een Japans industrieel, commercieel of religieus “imperialisme”. Jikō-ji is een Antwerpse, Europese Boeddhistische tempel, geen bijhuis voor exotische producten. Hij aanvaardt en erkent weliswaar het morele en spirituele gezag dat uitgaat van de Jōdo-Shinshū Hongwanji-ha in de personen van Zenmon en Monshu, maar institutioneel (en dus ook financieel!) is en blijft hij autonoom. Het Centrum voor Shin-Boeddhisme is een v.z.w. volgens het Belgische recht en alle macht erin gaat uit van de Algemene Vergadering.

De Europese Shin-gemeenschappen krijgen met de ‘nieuwe’ Jikō-ji nieuwe troeven toegespeeld. Er werden voorstellen gedaan om te Antwerpen een Europees studie- en ontmoetingscentrum op te richten. Eerste teken in die zin: er gaan stemmen op om de 4de Europese Shin Conferentie niet te Berlijn te laten plaats grijpen, maar wèl te Antwerpen ter gelegenheid van een plechtige inhuldiging van Jikō-ji.

Toch moeten we er tevens aan herinneren dat Jikō-ji niet de bedoeling heeft een ‘sektarische’ behuizing te zijn, maar openstaat voor iedereen: Boeddhisten en niet-Boeddhisten.

 

Op zondag 2 juni kreeg de kersverse maar voorlopige installatie van Jikō-ji het bezoek van studenten van de Faculteit voor Vergelijkende Godsdienstwetenschappen, Antwerpen.

Dat was voor meerdere onder hen een eerste gelegenheid kennis te maken met de praktijk van het Boeddhisme. Via een korte eredienst kon heel wat gepraat en nagepraat worden over zin en inhoud van de Jōdo-Shinshū en over de objectieven en activiteiten van Jikō-ji.

Hoe intens deze gesprekken wel waren, blijkt uit het feit dat deze bijeenkomst, enkel gepland voor een zondagochtend, eerst tegen de late namiddag uitliep…

Hartelijk dank aan de FVG-studenten voor hun belangstelling en sympathie!

 

Op 30 mei overleed schielijk (maar komt de dood ooit onverwacht?) de Cambodjaanse bhikkhu (monnik), die enkele maanden tevoren te Brussel was aangekomen om er de geestelijke zorg voor de Cambodjaanse Theravada-gemeenschap op zich te nemen.

Op zondag 12 mei had Shitoku hem nog ontmoet op een vergadering welke doorging in de Vietnamese Tempel Linh-Són te Brussel, naar aanleiding van de voorbereidingen tot het indienen van een aanvraag tot wettelijke erkenning door de Belgische staat van het Boeddhisme als godsdienst.

Op maandag 3 juni werd het stoffelijk overschot te Brussel verast. Te dier gelegenheid was vanuit Parijs het hoofd van de Cambodjaanse Tempel Vatt Khemararam overgekomen: Eerwaarde Abt Preah Suvara Dhamma Khemara Sasana Vongsacariya (Candagiriko Bour Kry).

In de namiddag, na de crematie, deed de Eerwaarde Abt ons de eer aan een bezoek te brengen aan Jikō-ji, samen met 4 jonge monniken, 2 nonnen en de Heer Van Vuthy, verantwoordelijke voor de Boeddhistische Cambodjaanse gemeenschap in België.

Shitoku had het genoegen dit gezelschap in Jikō-ji welkom te heten. Na een korte hulde aan de Boeddha, waarin Theravāda en Jōdo-Shinshū hun harmonie in de Dharma betoonden, werd gedurende meer dan twee uur gesproken over heden en toekomst van het Boeddhisme in Europa, zowel voor de inwijkelingen als voor de Europeanen.

Het is een heerlijke namiddag geworden in het teken van tolerantie en openheid, in het beleven van de overkoepelende eenheid van de Leer van de Boeddha.

In dit verband nog even noteren dat de Vatt Khemararam op 14, 15 en 16 juni plechtig ingehuldigd wordt. Het gebouw is al enkele maanden klaar en wordt nu officieel in gebruik genomen met een Simna-ceremonie.

Ekō 30

Nieuws uit Jikō-ji

jikōji - 慈光寺

© 2003

info-at-jikoji.com

            home