Nieuws uit Jikō-ji

3 November: Plechtigheid

De maanden september, oktober en ook nog november waren beslist koortsachtig en het zag er soms naar uit dat we “het” niet zouden halen. De grotere aannemingswerken waren immers met een ruime vertraging begonnen en allerlei problemen en probleempjes bleven onvoorzien oprijzen.

Eind september kreeg het Centrum definitief bericht over de toezending van het altaarmeubilair: het zou rond 20 oktober vanuit Japan, via Osaka en Rotterdam, te Antwerpen toekomen. Toen begon het nerveuze geloop naar douanediensten, scheepsagent, vervoerder. Gelukkig werden we vlug wegwijs gemaakt in de ministeriële kantoren. Trouwens, het onmogelijk geachte werd dank zij vaak onvoorziene medewerkingen realiteit. En als een mirakel kwam de container, met een vertraging van slechts enkele dagen (en dit vlak voor het Allerheiligen-weekend) op het voorziene schema, in de Pretoriastraat op de stoep te staan.

Er was immers een datum gepland. Op 26 oktober bracht een rechtstreekse vlucht ons vanuit Japan Rev. Prof. Shoken Yamasaki, voorzitter van I.A.B.C., in gezelschap van de Heer Kitagawa, de leverancier van het altaarmeubilair, die er aan gehouden had in eigen persoon de tempeluitrusting te monteren en op te stellen.

Bovendien hadden deze beide heren het prachtige Amidabeeld, werk van meester-beeldhouwer Eri, bij zich.

De plechtige heropening van Jikō-ji, samen met de dedicatie van het Boeddhabeeld, had plaats op zondag 3 november.

Het Centrum had inderhaast een redelijk beperkt aantal uitnodigingen rondgestuurd. De response was echter zo groot dat niet iedereen in de eivolle tempelruimte een plaatsje kon vinden; enkele laatkomers moesten zich dan getroosten met in de keuken de dames een handje toe te steken met het oog op de receptie.

Het belang van de opkomst lag die dag evenwel niet zozeer in het aantal, maar wel in de diversiteit van de aanwezigen. Vrienden en belangstellenden waren opgekomen niet enkel uit geheel het Vlaamse Gewest, maar ook uit het Brusselse en uit Wallonië. Van over de staatsgrenzen begroetten we gasten uit Nederland en Frankrijk.

Maar het waren niet allen Boeddhisten: ook vertegenwoordigers van de Rooms-Katholieke en van de Protestantse erediensten waren opgekomen. De Boeddhisten, Europeanen en Aziaten door elkaar want het Boeddhisme kent immers noch kasten noch rassen, vertegenwoordigden de brede maar gelukkig open waaier van stromingen die we in België hebben. Voor Soto-Zen, had Genmyo Dotai, die sedert lange jaren deze school in België animeert, eraan gehouden in persoon aanwezig te zijn, naast de vertegenwoordigers van twee Tibetaanse tradities (Kagyu-Karmapa en Kagyu-Drugpa), van de Theravada-gemeenschappen. Ook enkele prominenten uit de culturele wereld waren aanwezig. Bovendien waren er per telegram of brief talrijke gelukwensen van binnen- en buitenland toegekomen.

De ceremonie zelf was, zoals gewoonlijk in de Jōdo-Shinshū traditie, kort en sober.

Het altaargedeelte (‘naijin’) was aanvankelijk afgesloten door een gordijn, tot twee kleine meisjes het opentrokken en de aanwezigen eindelijk de pracht van het altaar konden bewonderen. Daarop voltrok Rev. Yamasaki de liturgie van het “Nieuw Binnenkomen van de Boeddha”, waarvan tekst en melodie teruggaan tot een zeer oude Chinese Reine-Landtraditie uit de 7de of 8ste eeuw, overgeleverd door de Tendai-school van het Japanse Boeddhisme, waar Shinran Shōnin twintig jaar lang monnik en zelfs abt was. Dit votief gedeelte werd afgesloten door de samenzang van de Lofprijzingen van de Boeddha (Sambutsu-ge, uit het eerste boek van de Sukhavativyuha-sutra).

Na een korte onderbreking, werd de eredienst voortgezet met het “gewone” van een hoogdag: het reciet van Shoshin-ge, de Hymne van de Volkomen Overgave, waarin Shinran Shōnin de evolutie en de inhoud van de Reine-Landlering van de Ander-Kracht uiteenzet. In dit gedeelte ging Shitoku, als tempelpriester, voor. Na de eigenlijke liturgie, gaf Shitoku aan de hand van het vierde hoofdstuk van Tannishō, een dharma-lering over de naam Jikō-ji en over de betekenis van het begrip “mededogen” in het perspectief van ‘Tariki’, de Ander-Kracht.

Na de ceremonie had dan een receptie plaats, waarbij de toch redelijk ruime ontmoetingsplaats spoedig te klein bleek. Er werd desondanks heel wat kennisgemaakt en gepraat in een heerlijk samenspel van talen.

Shitoku wil hier allen nogmaals danken die dit mogelijk gemaakt hebben: zij die de fondsen ter beschikking gesteld hebben voor aankoop en verbouwing, zij die belangloos tijd, doorzicht en spierkracht geleverd hebben voor praktische realisatie en afwerking, zij die Jikō-ji doorheen de administratieve labyrinten geloodst hebben.

Namen noemen is misschien onrechtvaardig en restrictief, gelet op de talrijke anoniemen, maar toch moeten enkele ons van de tong rollen, zeker die van Rev. Yamasaki, zonder wie de Europese Shin-gemeenschappen en hun huidige infrastructuur niet leefbaar zouden zijn, of de Heer Yehan Numata, schenker van het Amidabeeld en van het altaarmeubilair, die zijn ganse leven en industriële werkzaamheid in dienst heeft gesteld van de verbreiding van het Boeddhisme. Maar denken we ook aan b.v. aannemer M. Verbeeck uit Berchem-Antwerpen die een wel ‘vreemde’ opdracht aanvaard heeft, aan de heer Chaîneux wiens ervaring en bevoegdheid ons zo nuttig geweest zijn, aan de grote kunstenaar Eri en zijn hele familie, plus dan aan de talrijken die ongevraagd kleine en grote diensten bewijzen: schilderen, stofzuigen, behangen, afstoffen, schuren, vaatwassen, al die alledaagse dingen zo noodzakelijk bij elk initiatief. Het zij me in dit verband toegelaten ook mijn echtgenote te danken voor haar zo “onzichtbare maar voelbare” aanwezigheid in het oplossen van praktische problemen

Het is enkel door zulke samenwerking en convergentie dat Jikō-ji zijn functie van Boeddhistische ontmoetingsplaats kan vervullen en blijven vervullen.

 

Permanentie In Jikō-ji

Er zijn soms mensen die graag persoonlijk contact zoeken. Daarom zal voortaan, in de mate van het mogelijke en buiten sommige periodes om, Shitoku in Jikō-ji voor een gesprek te vinden zijn ook op vrijdagnamiddagen, van 4 tot 5 uur.

 

Adres Van Centrum

We vestigen nogmaals de aandacht op het feit dat de zetel van het Centrum voor Shin-Boeddhisme v.z.w. niet de Pretoriastraat is, maar nog steeds Zittaart 21, 2419 Lille en dat alle briefwisseling nog steeds aan dit adres moet gericht worden.

En Ekō’s beste wensen voor een 1986 van vreugde en vredig gemoed in de warmte van de nembutsu.

Shitoku

 

Foto’s

Plechtige inhuldiging door Go-Monshu (links achter).

Zicht op de voorzijde.

Audio-visuele elektronica.

Ruime en luchtige hallen.

Ekō 32

Nieuws uit Jikō-ji

jikōji - 慈光寺

© 2003

info-at-jikoji.com

            home