Lezers Over Eko

Een Blijk Van Waardering

Als volgeling van de Theravada-stroming in het Boeddhisme dacht ik niet veel van mijn gading te vinden in Eko. Maar niets is winder waar. Al meerdere jaren ben ik in het genot Eko te lezen. Hoewel ik het blad niet helemaal met volle aandacht lees, vind ik er telkens stukjes in die het herlezen waard zijn. Zij omschrijven de leer in eenvoudige en begrijpelijke woorden. Daaruit blijkt goed dat Eko waardevol is voor iedereen. Een klein vers of een klein artikeltje is waardevoller dan een heel boek vol met woorden, als dat klein vers of artikel tot nadenken stemt, zo leerde de Boeddha. En zo is het inderdaad met Eko. Waardevol omdat het tot nadenken stemt, waardevol omdat het leerzaam is.

(N. Moonen - Kerkrade, NL)

Uit Een Lange Brief…

“Wat denken onze lezers over Eko?” Wat mij betreft niets dan goed.

- Editoriaal vind ik goed of zeer goed al naargelang het onderwerp mij ligt. Dit is altijd het eerste wat ik lees.

- “De Naam is Namu Amida Butsu” is het tweede, en voor mij persoonlijk het beste en mooiste uit heel Eko. Dat is een reeks die ik altijd diverse keren herlees; ik heb het gevoel dat de vele verschillende aspecten van de Leer daar convergeren en dat ik telkens iets méér van de essentie meeheb. Ik hoop dat dit nog lang doorgaat.

- Het derde wat ik lees zijn steevast de artikels van Danielle. Volgens wij is dat de Leer in het dagelijkse leven vertaald. Je moet het toch maar kunnen, dat bewonder ik! Het laatste: “Mistevredenheid” vind ik een pareltje. Ik vind dat ze zeer vlot en herkenbaar schrijft… je hoeft er je hoofd niet op te breken en tóch draag je er iets van mee.

- Ten vierde de artikels van Katrien. Vind ik heel intuïtief, heel poëtisch en gevoelig. Heel direct ook en uitgepuurd zonder omslachtigheid komt ze in twee, drie zinnen tot de kern. Katrien lees ik ook zeer graag, wellicht omdat ik me nogal kan identificeren met haar thema’s.

- En dan het overige:

wat ik met moeite lees: Mattosho;

wat ik altijd heel graag lees: de vertaling van één of andere sutra;

wat ik een zeer interessante reeks vond: “Geschiedenis van het Ontstaan van de verschillende Obediënties in het Shin-Boeddhisme”; en ook “Hoe de Boeddha het zag…”;

wat mag vervolgd worden: “Vragen en Antwoorden”;

wat zeker mag vervolgd worden: “Glossarium van het Shin-Boeddhisme”.

En dan nog het volgende: soms is er een artikel dat mij heel bijzonder raakt, over een onderwerp waar ik zonder Eko nooit zou van horen.

Ik denk hier vooral aan “Mededogen” van K. T. Tsuji (Eko 29 - maart ’85). Het bijzondere daaraan is dat het zó echt en zó mooi is: het is dàt aspect van de Boeddha waar ik zó van houd en speciaal wil na-streven. Ik denk dat onze wereld en wij allen - gehechte en lijdende mensen - vooral dààraan behoefte hebben. En alleen al voor dat éne artikel vind ik Eko de moeite

Echt: ik vind Eko méér dan de moeite! De verschillende auteurs hebben elk een verschillende, maar zeer waardevolle inbreng. De onderwerpen zijn reëel, interessant en verscheiden genoeg om boeiend te blijven.

En voor mezelf durf ik gerust zeggen dat Eko wij vormt, verruimt en bevestigt.

In mijn toch geïsoleerde positie (zonder reële gesprekspartner en zo onbehaaglijk ver van de Tempel) betekent dat heel veel.

Daarvoor echt gemeend: “Bedankt!”

Ekō 50

jikōji - 慈光寺

© 2004

info-at-jikoji.com

            home