Rev. Yuho B. Van Parijs
“Ken Uzelf”, reeds de Griekse filosofen waren overtuigd van de waarde van deze simpele doch sublieme waarheid. Toch lijkt het mij dat deze waarheid veel van haar oorspronkelijke karakter heeft verloren. “Ken Uzelf” is verworden, beperkt geworden tot een verzameling van, in het beste geval, een paar filosofische overpeinzingen omtrent de mens in zijn algemeenheid en diens positie in de wereld; in het slechtste geval tot een paar oppervlakkige al dan niet katerige bedenkingen na een avondje stappen. Wat volgens mij verloren is gegaan is het onmiskenbare spirituele karakter van deze woorden. Ken Uzelf heeft iets gebiedends, filosofisch in zich, maar ook iets uitnodigends. Het nodigt ons namelijk uit op die innerlijke speurtocht die we dan spiritualiteit noemen. Toch is het zo dat we ook binnen deze spirituele uitnodiging nog een onderscheid kunnen maken naarmate we de klemtoon verschuiven. We kunnen namelijk het Ken Uzelf beschouwen als doel, als het ware de opdracht die het boeddhistische Pad der Wijzen ons voorstelt; we kunnen echter ook het Ken Uzelf beschouwen als weg op zichzelf, het Pad van het Reine Land. In het eerste geval gaan we op zoek naar onze ware uiteindelijke natuur. In het tweede geval herkennen en erkennen we onze huidige werkelijke natuur als heilsweg.
Wanneer we beide heilswegen beschouwen, zien we dat ze allebei hetzelfde doel voor ogen hebben, nl. de Geboorte in het Reine Land of de Volkomen Verlichting. Wanneer we echter de toegankelijkheid van beide wegen beschouwen, bemerken we dat de eerste weg, nl. het Pad der Wijzen, enkel toegankelijk is voor diegenen wier karmische omstandigheid het toelaat zichzelf toe te leggen op verregaande meditaties en doorgedreven moraliteit. Dit maakt dat deze weg slechts voor weinigen, héél weinigen toegankelijk is. Wat echter het Pad van het Reine Land betreft, staan de zaken beduidend anders: voor het bewandelen van dit Pad beschikken we namelijk over de juiste karmische voorwaarden hoe die ook mogen zijn voor elk van ons afzonderlijk. Of we nu dwaas of wijs zijn, goed of slecht, oud of jong, man of vrouw, dik of dun, het maakt niet uit. Het Reine Land-pad gaat er namelijk van uit dat we allemaal in de mogelijkheid verkeren de Geboorte te verwezenlijken zoals we zijn, werkelijk zoals we hier en nu zijn.
Laten we, om de dingen wat te verduidelijken, even terug onze twee wegen bekijken in relatie tot het “Ken Uzelf”. Wanneer ons uiteindelijke doel erin bestaat door te dringen tot onze ware natuur, m.a.w. Leegheid, dan spreekt het vanzelf dat we elke hindernis die we op onze weg tegenkomen uit de weg moeten ruimen; we moeten ons als het ware uitzuiveren van elke bevlekking willen we onze ware ongeconditioneerde natuur ontdekken. Wanneer we echter bedenken dat het enkel de juiste karmische omstandigheid, m.a.w. de juiste geconditioneerdheid, is die ons in staat stelt deze weg te bewandelen, dan kunnen we ons meteen de vraag stellen hoe we vanuit deze geconditioneerdheid het ongeconditioneerde verwezenlijken, hetgeen het vooropgestelde doel was. Men kan dit vergelijken met de Zen-koan die ons vraagt: “Wat doe je als je aan het eind van een honderd meter hoge paal bent gekomen?” Het lijkt mij een quasi onmogelijke opgave. Het is inderdaad de weg die enkel de wijze kan vervullen.
In tegenstelling tot het voorgaande stelt het Pad van het Reine Land ons voor gewoon te zijn en te vertrouwen op Amida’s Geloftekracht voor de verwezenlijking van onze Geboorte. Deze “Simpele Weg” lijkt inderdaad simpel: gewoon blijven doen waar we altijd mee bezig zijn geweest en ons voor de rest niets meer aantrekken. We verwezenlijken de Geboorte toch, Amida zal er wel voor zorgen. Allemaal hebben we het wel ergens gelezen, de Boeddha die ons uitnodigt te komen “zoals we zijn”. Toch is dit niet zo vanzelfsprekend, is dit zelfs niet “simpel”. Het probleem ligt hem niet zozeer bij de Boeddha, neen, voor de Boeddha is het simpel. Het probleem gaat uit van ons. Komen zoals we zijn houdt in dat we weten wat of wie we zijn, en hier ligt de moeilijkheid. We zijn namelijk niet echt geneigd ons zelf te leren kennen zoals we zijn. We hebben er a.h.w. nood aan onszelf en de ons omringende wereld voortdurend om de tuin te leiden. Uiterlijk doen we ons voor als goed en wijs…, we houden niet op onszelf en anderen te bedriegen. Redenen hiervoor zijn er veel. Toch is er m.i. één hoofdreden, nl. angst, de angst geconfronteerd te worden met onze werkelijke natuur. Toch is het juist deze die de voorwaarde vormt voor onze Geboorte. Het is ons verdwaasde gemoed, ons gemoed vol van begeerte en aversie, van blinde passies dat de weg uitmaakt naar het Reine Land. Daar waar het bij het Pad der Wijzen erop aan kwam alle hinderrissen uit de weg te ruimen, te klimmen raar het topje van onze spirituele berg, - daar stelt het Pad van het Reine Land ons voor af te dalen tot de diepste diepten van ons verdwaasde gemoed, door de hel te gaan van onze eigen verdwazing, onze begeertes, onze haat, de hel van frustraties, van pijn, van eenzaamheid, onmacht en nietsbetekenendheid.
Het is het volle besef van onze hindernissen dat ons er uiteindelijk toe brengt alle hoop in ons verdwaasde zelf op te geven, dat ons in staat stelt het vertrouwen te verwezenlijken hetwelk nodig is voor onze Geboorte. Wanneer alle berekening omtrent onze heilsweg als nutteloos wordt ervaren, waneer we niets van onszelf meer hebben waar we ons aan zouden kunnen vasthouden, dan rijst in ons gemoed het Ware Vertrouwen.
Ook dit zou een praktisch onmogelijke opgave zijn, ware het niet voor de nembutsu die ons op dit pad vergezelt. Het is door Namu Amida Butsu dat de Boeddha er ons aan herinnert dat we omvat zijn om nooit meer losgelaten te worden, in welke omstandigheid we ook verkeren. Het is Namu Amida Butsu die ons naar het Reine Land voert, doorheen alle hindernissen.
Namu Amida Butsu.
|
|
|
|
|
|
Ekō 66 |
|
© 2007 |
info-at-jikoji.com | ||||
| home |