Shaku Shokai
De Filosoof Nagarjuna
Nagarjuna was de meest filosofisch georiënteerde onder de Patriarchen van de Jodo-Shinshu. Hij leefde tussen 150-250 van onze tijdrekening en werd in Zuid-India als zoon van een brahmaan geboren. Als monnik bestudeerde hij aanvankelijk de zg. Hinayana-boeddhistische teksten maar ging later over op de studie van Mahayana-geschriften. Uit eigen kracht via intensieve studie en meditatie verwierf Nagarjuna een zeer hoge trap van het Bodhisattva-ideaal.
Nagarjuna verkreeg vermaardheid als boeddhistisch filosoof en de diepzinnigheid van zijn filosofie wordt zelfs heden op universitair niveau erkend. Voor het eerst maakte ik b.v. kennis met zijn leringen op de universiteit van Amsterdam, toen een professor in de oosterse filosofie, prof. dr. F. Staal (die nu in Amerika woont en doceert) een lezing over Nagarjuna’s filosofie hield. Ik moet eerlijk bekennen dat ik er toen niet veel van begreep.
Waar gaat nu in het kort zijn denken over? Zijn theorie over de middenweg tussen bevestiging en ontkenning kennen de ingewijden onder de naam Sunya-vada (Leer van de Leegheid), behorende tot de Madhyamika-school, die in India gedurende meer dan 800 jaar bloeide. Tezamen met het Boeddhisme verdween deze school ook uit India omstreeks het jaar 1000. Echter hebben de desbetreffende Mahayana-sutra’s vanaf 180 n.Chr. een grote invloed uitgeoefend in China, waar ook een Madhyamika-school ontstond onder de naam San-Iun (later naar Japan overgebracht onder de naam Sanron). De Leer van de Leegheid heeft zich inmiddels aan de Chinese en Japanse levensbeschouwingen aangepast en is blijven bestaan onder de vorm van een speciale boeddhistische school, namelijk Ch’an in China en Zen in Japan, waarbij uiteraard taoïstische invloeden een rol speelden.
Nagarjuna’s dialectiek was bedoeld om tegen vaste overtuigingen in te gaan. Leegheid is bijvoorbeeld juist het niet-verschil tussen ja en neen. Simpel gezegd, een tot op de helft gevuld glas is zowel half-vol als half-leeg. Misschien zit er meer achter dit idee, maar volgens zeggen moet genoemde Leer niet metafysisch verklaard worden, maar juist dichter bij de praktijk zijn van het noch ontkennen of bevestigen. Door een dergelijke relativering komt men dichter tot vredelievendheid (maitri) en tot medeleven (karuna), wat tenslotte tot Wijsheid voert.
Ik weet niet precies hoe Nagarjuna ertoe kwam om vanuit zijn gefilosofeer met de Leer van de Leegheid over te stappen op het Amida-Boeddhisme. In ieder geval was hij er ten slotte toe overgegaan zich te wijden aan het probleem van het verwezenlijken van het Boeddhaschap. Nagarjuna kwam tot de overtuiging dat er twee belangrijke wegen naar Verlichting leiden, namelijk een ‘Moeilijk Pad’ en een ‘Licht Pad’.
Het ‘Moeilijke Pad’ was het toepassen van zelfdiscipline in verband met de Zes Deugden in het Boeddhisme (sat-paramita), namelijk vrijgevigheid, zedelijkheid, geduld, energie, meditatie en wijsheid. Ik veronderstel dat dit een andere formulering van het Edele Achtvoudige Pad weergeeft.
Het ‘Lichte Pad’ is veel gemakkelijker te begaan, als men oprecht vertrouwen stelt in de Kracht van de Voortijdelijke Gelofte van Amida om alle wezens bij te staan het Nirvana in te gaan. Nagarjuna vond deze weg het aanbevelen waard, wat voor de aanhangers van het Amida- Boeddhisme in het algemeen en van de aanhangers van de Jodo-Shinshu in het bijzonder een versterking van hun overtuiging en vertrouwen in Amida betekent. Als zulk een wijs man als Nagarjuna tot dezelfde overtuiging en vertrouwen gekomen was, dan moet er toch wat in zitten, niet waar?
Shinran en Nagarjuna
Tijdens zijn 20-jarig verblijf in de Tendai-klooster op de Hiei-berg, had Shinran ruimschoots de gelegenheid kennis te maken met de filosofie naar Nagarjuna. Het is dan ook niet verbazend dat deze filosofie een grote invloed heeft uitgeoefend en dat Shinran er zelfs toe kwam de Indiër Nagarjuna te beschouwen als de eerste Patriarch van de Jodo-Shinshu.
(Zo zien we b. v. dat Shinrans nadruk op niet-tweeheid sterk ‘nagarjuniaans’ getint is: voor hem vormen samsara/nirvana, oso-eko/genso-eko, myogo/hongan, monnik/leek enz. beslist geen dualismen. Nota van Shitoku)
Een schets van de levensloop en van de leerverkondiging van Shinran Shonin moge dan wat droog klinken, maar de persoon zelf was verre van saai of onbetekenend. Shinran Shonin was iemand met een zoekende levendige geest, die niet gauw tevreden was, tenzij hij meende tot het juiste inzicht te zijn gekomen, toen hij met mediteren ophield en overging de Nembutsu, maar dan ook in vol vertrouwen (met Shinjin), tot zijn dood te praktiseren en te verspreiden. En als leerling van de grote meester Honen, moest Shinran wel van het goede hout gesneden zijn, om de grote meester op zijn wijze te durven corrigeren.
(wordt vervolgd)
|
|
|
|
|
|
Ekō 71 |
|
|
|
|
|
|
Leven Met Amida |
|
© 2007 |
info-at-jikoji.com | ||||
| home |