Een Brief Uit Alaska

Zondag 16 augustus 1998 Dag Allemaal!

Het heeft lang geduurd, maar hier is ie dan, de brief uit Alaska. Eerlijk gezegd weet ik niet goed waarmee ik zal beginnen - de twee maanden dat ik hier ben zijn voorbijgevlogen en zijn zo gevuld en intens dat het moeilijk is er de mooiste momenten uit te pikken.

Laat ik beginnen bij het begin - de vliegreis naar Anchorage (niet dat dit één van de mooie momenten was…). Zoals jullie weten, ben ik mijn belangrijkste stuk bagage kwijtgespeeld met daarin mijn kostbaarste boeken, een scroll van Zuiken, al mijn aantekeningen van de cursussen in de Faculteit, mijn diploma’s etc. Het is alsof je een deel van je leven kwijtspeelt, althans zo voelde het in het begin. Wanneer ik het nu overdenk, zie ik echter iets geheel anders: ik zie een nieuw begin waarin ik geen toevlucht meer zoek in de veiligheid van nota’s, maar in dat wat ik over de jaren heen heb geleerd. Het verlies van mijn spullen heeft nog andere “goede” kantjes… zo hebben we iemand ontmoet via het Internet die ons een aantal boeken heeft geschonken, waaronder enkele die verloren waren… en British Airways heeft dan uiteindelijk een gedeelte van het opgegeven bedrag terugbetaald… wat inhield dat we schoolgerief voor de kinderen konden kopen, een kleedje voor Lotus, een warme jas voor mezelf en een heel pak tweedehands boeken voor de bibliotheek… zoals je ziet: “Every cloud has a silver lining”. O.k., dat is het laatste dat ik over heel die zaak ga zeggen - vanaf nu behoort dat tot het verleden…

De terugkomst in Alaska was, buiten dat ene voorval, simpelweg gezegd buitengewoon schitterend en adembenemend… Vergeef het gebruik van te veel superlatieven: Alaska will do that to you every time!

De zomer hier is prachtig geweest… inderdaad: geweest; de laatste twee dagen zitten we reeds in de herfst - volgens betrouwbare bronnen. Na het witte tapijt van de winter, komt een tapijt van ontelbaar vele kleuren. Bloemen in overvloed, en niet zomaar bloemen, neen, bloemen in buitengewoon grote proporties vanwege het grote aantal uren zon per dag. De margrietjes zijn hier ongeveer één meter hoog en hebben de omtrek van een hand… Ook de bergen zijn grotendeels groen met hier en daar nog wat sneeuw. De natuur is gewoon onweerstaanbaar. Ik heb voor het eerst in jaren terug een berg beklommen (o.k. al bij al maar een paar honderd meter, maar toch…), het was zó prachtig. Eenmaal boven was er een gletsjermeer met ijsschotsen erin. En het prachtigste was nog dat wanneer je daar zo boven zit en je kijkt uit over de vallei, je niets anders hoort dan de wind… en een enorm gevoel van dankbaarheid voor de schoonheid die je omringt.

Ondertussen hebben we ook een paar weekenduitstapjes gedaan, dat is zowat de enige tijd die we vrij hebben. Zo zijn we naar Homer geweest, een klein vissershaventje op 5 uur rijden van Anchorage en waar we op het strand hebben gekampeerd. ‘s Avonds genietend van een kampvuur van bijeengesprokkeld hout en een zonsondergang om U tegen te zeggen (niet dat die hier zo zeldzaam zijn!) en ‘s morgens genietend van een zonsopgang en een kop koffie (en voor mij een sigaretje).

Een andere keer zijn we dan met de mensen “van het werk” gaan kamperen in een RV (Recreation Vehicle), of m.a.w. een huis op wielen, met 8 slaapplaatsen, douche, microgolf etc.

Het woord “werk” is gevallen - en dat is toch ook één van de redenen waarvoor ik hier ben - (haha, over de andere reden ga ik niet te veel uitweiden, je snapt wel dat ik op dat gebied een beetje mijn privacy wil behouden). Zoals je weet ben ik hier vrijwilliger voor de 4A’s: Alaskan Aids Assistance Association. Aangezien ik aardig overweg kan met computers, is een groot deel van mijn taak hier binnen dat gebied. Op dit ogenblijk werk ik aan de resource directory, m.a.w. het updaten van alle contactadressen in Alaska. Daarbuiten zijn er nog de andere jobs zoals het werk in de voedselbank waar we voedselpakketten samenstellen voor de patiënten. Op vrijdagmiddagen is er de Friday Lunch voor de patiënten en hun familie, wat een zeer goede gelegenheid is om de patiënten van naderbij te leren kennen. Ik sta telkens weer versteld van de levensvreugde die deze mensen in zich dragen, alhoewel er natuurlijk ook heel veel lijden is.

Er zijn een paar van die patiënten waar ik bijzonder goed mee opschiet, o.a. een boeddhist (Nichiren-Shoshu) waarmee ik uiterst verhelderende gesprekken heb gehad omtrent de Aidsproblematiek, en een Native die niets liever doet van over ‘zijn’ volk en ‘zijn’ cultuur te praten. Geloof me, ook dat is zeer verhelderend, en niet altijd zo mooi, maar ja, dat had je wel verwacht.

Buiten de 4A’s werk ik de laatste twee weken ook voor de Alaskan Coalition for Housing and Homelessness. Voor hen publiceer ik een Newsletter die ik voor de gelegenheid de “Street Chronicle” heb genoemd. Ik ben ondertussen ook geregistreerd in de verschillende hospitalen in Anchorage als boeddhistisch priester en als Nederlandstalige tolk (just in case they need one…)

Ook de “White Lotus Centre for Shin Buddhism” begint stilletjesaan te functioneren. De eerste lezingenreeks “Introduction to Buddhism” is een succes met een gemiddelde van zowat 23 mensen per lezing. Het gekke hier is dat er naarmate de lezingen verstrijken, en méér mensen opdagen. We hebben ook bezoek gekregen van een journaliste met fotograaf van de Anchorage Daily News, die een artikel wou schrijven over Lotus en mij en over het Centrum.

Tijdens de wekelijkse erediensten is er nog niet veel volk (2 mensen). Toch heb ik er een goed oog op. Er zijn verscheidene mensen die reeds hun interesse hebben uitgesproken, vooral na de publicatie van onze eerste nieuwsbrief, die we tijdens de lezingen verspreiden.

Aangezien we geen echte tempelruimte hebben, is het een beetje improviseren, o.a. het stilzitten (seiza) met twee parkieten en zes vinken en twee kinderen op de achtergrond. Toch heb ik het gevoel dat Shinran hierom zou glimlachen. Stilletjesaan begin ik te begrijpen wat bombu-zijn betekent en voel ik een grote dankbaarheid voor de manier waarop me dat duidelijk wordt gemaakt. Ik hoef het jullie niet meer te vertellen, maar ik ben een gelukkig mens.

Nu is het hoog tijd dat ik in mijn beddeke kruip, morgen is het weer vroeg dag. Ik wens jullie alle het beste. En voor ik het vergeet: drink een tripeltje voor mij (want Budweiser is toch maar niks)!

Veel liefs,

jullie Bruno.

Ekō 79

jikōji - 慈光寺

© 2007

info-at-jikoji.com
            home