Wat Betekent Het (Shin)Boeddhisme Voor Ons?

Verslag van een Zomerbijeenkomst in Jikoji

Lut van Schoors

Dit jaar werd beslist om tijdens de zomermaanden de bijeenkomsten op zondag te laten doorgaan, in plaats van dinsdagavond. Elke maand hadden we zo de gelegenheid een ganse dag in Jikoji door te brengen, waarbij we konden deelnemen aan een eredienst, een maaltijd, een stuk dharma-onderricht en een afsluitend meditatiemoment.

Op zondag 14 juli werden ons enkele vragen voorgelegd die Shitoku en voorzitter René dienden te beantwoorden voor een vergadering van de B.U.B. (Boeddhistische Unie België).  Tijdens een kringgesprek kreeg iedereen de kans zijn eigen visie daarop te geven en werd er zeer open en constructief met elkaar gedialogeerd. Daarna las de voorzitter het “officiële” antwoord voor, waarbij iedereen zich volmondig kon aansluiten, maar wat toch als eerder theoretisch werd aangevoeld.

Op algemeen verzoek volgt hierna een verslag waarbij eerst de vragen en de antwoorden, zoals geformuleerd voor de B.U.B., worden weergegeven. Daarna volgen de belangrijkste persoonlijke ideeën/overtuigingen van de sanghaleden bij wijze van aanvulling en als voorbeeld hoe boeddhisme in het concrete, dagelijkse leven wordt beleefd en ervaren…

Wat betekent het boeddhisme voor ons?

Hoe zouden wij het boeddhisme definiëren?

‘De vraag die we ons stellen is: Wie ben ik? Waar komt mijn leven vandaan? Waar gaat het heen? Wat is de zin van mijn leven? Hoe ga ik om met sterven en dood? In een poging hierop een antwoord te vinden, vechten we met onszelf, met onze eigen duisternis, met onze eigen zelfbegoochelingen. Voor ons is de Leer van de Boeddha die levensvisie, die het de zwakke mensen die we zijn, mogelijk maakt met deze wereld van lijden en onvrede, zonder haat en/of wrevel in contact te komen en te blijven.

De Leer van de Boeddha maakt voor ons de techniek beschikbaar om de oorsprong van alle lijden/onvrede te situeren, nl. in de begeerte, haat en verdwazing. De Leer biedt ons de mogelijkheid deze oorsprong zowel intellectueel, emotioneel en devotioneel te omschrijven en eventueel tegen te gaan. Het antwoord van het Reine Land ligt vervat in ‘Namu Amida Butsu’. Dit is de Nembutsu, die oorspronkelijk refereerde naar de meditatieve Nembutsu, maar tegenwoordig meer algemeen verwijst naar ‘het uitspreken van de naam van Boeddha Amida’ (recitatieve Nembutsu).’

Antwoorden sanghaleden:

- ‘Het kernbegrip in het boeddhisme is Mededogen. Dit is heel belangrijk. Boeddhisme laat geen egotripperij toe, je doet niets voor jezelf alleen. Dat Mededogen trachten we in praktijk te brengen t.o.v. alle levende wezens, je tracht de Boeddha te zien in alles wat leeft. Het boeddhisme is een heilsleer, weg en middel om te ontsnappen aan het lijden (= bevrijding). Ook openheid naar andere scholen toe is mogelijk, want het boeddhisme is niet dogmatisch. Zo worden Zen en Jodo-Shinshu bijvoorbeeld vergeleken met de twee kanten van één hand. Die openheid is iets wat mij erg aanspreekt.’

-  ‘Ik probeer te werken met het lijden en iets te scheppen (poëzie i.v.m. situaties die getekend zijn door lijden; lijden als model voor kunst). Door Zen ben ik terechtgekomen bij de koan, en de Nembutsu die ik gedrukt zag in een boek van Suzuki, werd sterk ervaren/herkend als het antwoord daarop. De Kracht die groter is dan mezelf werkte en betekende echte hulp. Het geloof in de Geboorte in het Reine Land is van kapitaal belang (doorbreken van de cirkel van wedergeboortes). Soms heb ik het gevoel van een veer, de vleugel van een engel, die me aanraakt en iets van verlichting geeft.’

- ‘Boeddhisme is voor mij een religie van oefening (en oefening baart kunst!). De oefeningen worden beschreven in het Achtvoudige Pad.’

- ‘Amida is voor mij een levend wezen met wie er op dagelijkse basis contact is door middel van gebed en meditatie.’

- ‘Het Shin-Boeddhisme is een zeer democratische religie, speciaal gepast voor gewone, simpele mensen.’

- ‘Ik ervaar het boeddhisme als een geschenk dat je krijgt, zonder dat je het wilt, vraagt of eist.’

- ‘In het boeddhisme vind ik rust. Het leert me de Oosterse elementen die ik in me had beter te duiden; me niet op één punt te focussen maar altijd ruimer en breder te kijken.’

- ‘In het boeddhisme is er geen geloof maar wel: zien, opmerken, voelen en beleven.’

- ‘Ik ben bij het boeddhisme gekomen op zoek naar een antwoord op “het Kwaad” dat zich overal in onze maatschappij manifesteert en dat altijd nog lijkt toe te nemen. Het kwaad brengt lijden voort en het Grote Mededogen geeft hierop een antwoord. We kunnen natuurlijk de vraag stellen naar kwaad of geen kwaad. We hebben vanuit onze meestal christelijke opvoeding een dualistische kijk op het leven. Specifiek voor het boeddhisme is óver dat dualisme heen te stappen.’

- ‘Vertrouwen op de Geboorte geeft gemoedsrust. Niet enkel in de geest, maar in de buik (centrum, hara).’

Waaruit bestaat de praktijk in onze traditie precies?

‘In onze traditie, nl. die van de Essentiële Leer van het Reine Land (Jodo-Shinshu) overheerst het besef dat de mens niet over de vereiste zelfkracht beschikt om dit doel te bereiken (oorsprong van het lijden en opheffing van het lijden).

Om die reden dient de mens elk zelf-streven en zelf-beter-weten te laten vallen om integraal over te stappen naar het volkomen vertrouwen in de heilskracht van wijsheid/mededogen, die niets anders is dan de activiteit van het Onmeetbaar Boeddhaschap (Amida Butsu).

Centraal in onze traditie staat het ontwaken voor de menselijke eindigheid en beperktheid, het bewustzijn van de duisternis en onwetendheid waardoor hebzucht, woede en dwaasheid ontstaan. Namu drukt die eindigheid uit. Men wordt zich gewaar van Namu – als verlorenheid, ontworteld zijn - door Amida Butsu, het onbegrensd en Oneindig Mededogen dat het omvat.

Amida betekent onmetelijk, dat wat niet te meten is en voorbij conceptueel begrip gaat. Butsu is Japans voor Boeddha. Aldus word ik, verlicht door de Boeddha Onmetelijk Licht en Onmetelijk Leven, tot het besef gebracht van mijn existentiële situatie als een aan karma gebonden wezen – beperkt, onvolmaakt en sterfelijk, maar vervat in Oneindig Mededogen. In dit volle besef worden bevrijding en vrijheid gerealiseerd. Het uitspreken van de Naam (Namu Amida Butsu) is dus eigenlijk in onze traditie de enige praktijk die kan helpen het Oneindig Boeddhaschap te verwezenlijken.’

Antwoorden sanghaleden:

- ‘De basispraktijk in onze traditie is natuurlijk de Nembutsu. Het ‘horen van de Nembutsu’ gebeurt echter niet zomaar, wat doe je voor je zover bent? Er is geen echt formele praktijk, maar praktiseer intussen het Achtvoudige Pad, de Paramita’s. Dit is heel belangrijk. Volgens mij moeten we dezelfde weg gaan als Shinran: vanuit bepaalde praktijken komen tot de enkele praktijk van de Nembutsu.’

- ‘De formulering die telkens terugkomt “Ik neem mij voor van…” duidt op een vrijwilligheid, iets wat niet opgelegd is van buitenaf. Dit wordt dan veeleer een levenshouding dan een praktijk.’

- ‘Ik probeer de aanwezigheid van de Boeddha te cultiveren, me omhuld te voelen door de aanwezigheid van Amida, te verlangen dat de Boeddha dicht bij mij is. Dat kan door per moment, in flitsen of minuten lang, eigenlijk gans de dag door, zodanig in een toestand te leven van harmonie met de omgeving.’

- ‘Harmonie met de omgeving’ doet me denken aan Baudelaire die zegt “La nature est un temple”; dat geldt uiteraard niet alleen voor de tuin, ook mensen maken er deel van uit.’

- ‘Ik kan pas gelukkig zijn wanneer ik in de trein, op straat, op de markt het poëtisch, sacraal, werkelijk gevoel heb dat de Boeddha aanwezig is.’

- ‘Belangrijk is het Vertrouwen en zich overgeven aan de Ander-Kracht; je eigen wil niet opdringen aan mensen en in bepaalde situaties.’

- ‘Wat het Vertrouwen betreft, daar kom je niet toe zolang je je eigen bonnō niet hebt ontdekt. Je moet tot bepaalde inzichten zijn gekomen, begrijpen, voelen, meemaken en beseffen dat je er zelf, op eigen kracht, niet geraakt. Dan pas kun je de echte praktijk van de Nembutsu beleven.’

Ekō 94

jikōji - 慈光寺

© 2003

info-at-jikoji.com

            home